Pesten & Mobbing: Profiel van de Daders

- 29 juni 2013

pesten dadersMobbing en Pesten: Profiel van de Daders
Het profiel van de daders volgens Dr. Ruth en Gary Namie: pesters kunnen gecategoriseerd worden; maar ze kunnen elke techniek gebruiken om hun doel te bereiken. Hun doel is simpel: het controleren van hun doelwitten en dit doen ze door een breed gamma aan pesttechnieken.

Ze dienen om te beschamen, vernederen en het behandelen van het doelwit als een machteloos persoon want pesters aanzien hun doelwitten als machteloze wezens. Deze misvormde manier van denken is de enige manier waarop de pester zichzelf kan handhaven in de professionele wereld: ten koste van iemand anders. Het is aangeraden, indien U geen last heeft om Engelstalige literatuur te lezen, het boek van Dr. Ruth en Gary Namie erop na te slaan. De titel van het boek is “The Bully at Work: What You Can Do to Stop the Hurt and Reclaim Your Dignity on the Job “.

Volgens Dr. Ruth en Gary Namie zijn er vier categorieën van pesters:

1. De schreeuwer
Zeer stereotiep maar statistisch zeer weinig voorkomend. Zij kiezen een publieke setting om hun aanvallen te lanceren. Zij controleren door middel van angst en intimidatie. Ze bezitten niet de minste emotionele controle. Ze zijn impulsief, explosief, agressief en bedreigingen van een fysieke aard worden geuit. Egocentrisch, hebben geen voeling met anderen hun emoties. Ze zijn zeer angstig om als een bedrieger te worden ontmaskerd. Zeer bombastisch om incompetentie te maskeren. Ze bevredigen hun drang naar controle door een klimaat van angst te creëren voor een groot publiek waarvan ze verwachten dat ze zullen beven van angst.

  • Schreeuwen, roepen, vloeken.
  • Blaft “IK BEN DE BAAS!” en “DOE WAT IK U ZEG!
  • Vergiftigt de werkplek door zijn/haar driftbuien en woede-uitbarstingen.
  • De reinste bullebak
  • Intimideert met gebaren: wijst met de vingers, gooit dingen neer of naar de mensen.
  • Dringt de persoonlijke of intieme ruimte binnen van het doelwit door heel dicht bij te komen staan of langs achteren stiekem te benaderen.
  • Onderbreekt het doelwit continue in vergaderingen.
  • Negeert de gevoelens van het doelwit.
  • Dreigt met ontslag of overplaatsing.

2. De constante criticus
Deze is actief achter gesloten deuren zodat hij of zij later alles kan ontkennen. Is zeer negatief ingesteld. Vitter, perfectionist tot in de kist, klager, zoeken van fouten, leugenaar. Maskeert de eigen onzekerheid met publieke bravoer. Word doorgaans geliefd door hoger management omdat ze “de mensen kan doen presteren”. Speelt de opvoeder. Hij of zij zal uw zelfvertrouwen trachten te ondermijnen zeker wat betreft uw professionele competenties. Ze bevredigen hun nood aan controle door een obsessie voor ieders prestaties. Als de criticus je baas is dan zal die meestal het evaluatiesysteem misbruiken om incompetentie te creëren of suggereren waar er eigenlijk geen is.

  • Beledigingen, kleinerende opmerkingen, krachttermen gebruiken.
  • Continu campagne voeren over de “incompetentie” van het doelwit.
  • Agressief oogcontact, eist oogcontact wanneer hij/zij spreekt maar maakt het zelden als het doelwit spreekt.
  • Reageert negatief op opmerkingen van het doelwit met zuchten, kijken over de brillenglazen, fronsen, zure gezichten trekken.
  • Beschuldigt het doelwit van bepaalde vergrijpen en gefabriceerde “fouten”.
  • Heeft onrealistische verwachtingen van werk door onmogelijke deadlines, legt onevenredige druk en verwacht de perfectie.
  • Zend signalen uit van respectloosheid door overzelfzekere lichaamstaal (aan bureau zitten met voeten op het werkblad, doelwit laten zitten en zelf staan, overhangen, …
  • Excessief gebruik van memo’s, e-mails, boodschappen om het doelwit te bedelven in correspondentie.
  • Bekritiseren van persoonlijk leven van het doelwit hetgeen volledig irrelevant is voor het werk bijvoorbeeld over uiterlijk, familie, vrienden.
  • Overdadig of harde kritieken uiten naar de bekwaamheid van het doelwit.

3. De slang met twee gezichten
Passiefagressief, indirect, heeft twee gezichten, oneerlijke manier om met mensen om te gaan. Doet zich voor als zeer vriendelijk terwijl ze u in werkelijkheid aan het saboteren zijn. De vriendelijkheid dient om informatie los te peuteren die ze later tegen u kunnen gebruiken. De glimlach verbergt de aggressie. Vernietigt uw reputatie bij de hogere hiërarchie. Bevredigen hun nood naar controle door de reputatie van het doelwit te vernietigen bij anderen.

  • Zorgt ervoor dat het doelwit niet genoeg middelen heeft (tijd, hulp, voorzieningen, …) om het werk goed genoeg uit te voeren.
  • Eist dat medewerkers bezwarende “bewijzen” leveren tegen het doelwit en gebruikt hiervoor halve waarheden en leugens. Diegenen die niet meewerken worden bedreigd (de “verdeel en heers” techniek).
  • Discrimineert rokers door ze te verplichten vernederende taakjes te laten uitvoeren tijdens de rookpauze (buiten afval verzamelen).
  • Betekenisloze of smerige taken toebedelen als straf.
  • Maakt ongeoorloofde, onbeleefde en vijandige opmerkingen tegenover het doelwit maar is zeer rationeel in het bijzijn van anderen.
  • Pleegt inbreuken op de confidentialiteit; deelt privé informatie over het doelwit met collega’s en andere superieuren.
  • Discrimineert niet-rokend doelwit door enkel de rokers en pauze te gunnen.
  • Houd een speciale map bij op kantoor vol met “bezwarend” materiaal om de carriere van het doelwit te saboteren zowel binnen als buiten de organisatie.
  • Steelt krediet voor het werk gedaan door het doelwit.

Slangen doen alsof ze vriendelijk zijn, maar werken u in werkelijkheid gewoon tegen. Pas op! Ze zijn egoïstisch en er moet voorzichtig mee omgegaan worden. Totaal geen vriend of mentor, de vriendelijkheid maskeert de pogingen om controle uit te oefenen. De slang komt doorgaan nog eens in drie variëteiten:

  1. De “Backstabber” slang. Deze vertelt u één ding en gaat dan totaal iets anders achter uw rug verkondigen.
  2. De “Jeckyll en Hyde” slang. Deze wisselt zeer vriendelijke perioden af met zeer aggressieve uitspattingen. Dikwijls is het doelwit de enige die de twee kanten van die slang ziet en zal daarom op weinig symphatie kunnen rekenen van andere mensen.
  3. De “No Problem, Don’t Bother” slang. Deze woorden zijn dan typisch wanneer de slang iets onethisch heft gedaan. De slang verwacht dat de anderen hen helpt om de onethische plannen uit te voeren.

4. De opzichter
Deze is de meest transparante van de controlefreaks. Zij hebben een drang om zich te profileren als een meerdere, orders te geven en de omstandigheden waarin gewerkt wordt te controleren te controleren. Zij controleren alle middelen die je nodig hebt op je werk – genoeg tijd om je werk af te maken, opleiding om je voor te bereiden op een nieuwe taak, voorzieningen, bevestiging, geld, bemanning, samenwerkingen, … Deze pester bevredigt zijn nood aan controle door zich te mengen in alles zodat die zich belangrijk voelt.

  • Moedwillig het doelwit mijden in belangrijke communicatie – blokkeert briefwisseling, e-mails, memo’s, beantwoord geen telefoongesprekken.
  • Weigert “redelijke accommodatie” te voorzien als iemand komt met een handicap.
  • Weigert om interne procedures te volgen
  • Wijgert privileges en rechten van het doelwit die een klacht hebben neergelegd wegens pesten (informeel, formeel, juridisch, …).
  • Negeert het doelwit en zoekt redenen om iemand te isoleren en af te zonderen van de rest.
  • Zet de klokken een bepaalde tijd vooruit op het werk en straft dan iemand voor te laat komen terwijl het niet toegelaten is om voor de werkelijke tijd te vertrekken.
  • Verzint nieuwe regels indien dat goed uitkomt en verplicht het doelwit daaraan te gehoorzamen.

Het is kritisch dat je als doelwit niet teveel blijft stilstaan bij de motivatie van de pester. Het zoeken naar “Waarom deed hij/zij dat?” is een verspilling van tijd die je beter kan gebruiken om jezelf veilig te stellen. Daarom hier een snel overzicht van de voornaamste drijfveren van pesters. Mensen worden pesters door tenminste 3 verschillende redenen: een bepaalde ontwikkeling van de persoonlijkheid, opportunisme in een competitieve politieke werkomgeving en per ongeluk.

a. Chronische pesters
Chronische pesters trachten mensen te domineren in zowat elk facet van hun leven. Ze pesten obers in restaurants, doelwitten op het werk, bedienden van de bank, familieleden, … steeds denkend dat zij niet hoeven te veranderen. De motivatie hier is compensatie door mensen te kleineren om hun eigen diepe gevoelens van onzekerheid. Hun leven is ergens niet onder controle dus gaan ze anderen gaan controleren om te compenseren. Ze vinden gebreken uit bij anderen (die een projectie zijn van hun eigen gebreken) en gaan dan volledig irrationeel anderen gaan aanvallen om zich beter te voelen. Chronische pesters zijn gevangen in een persoonlijkheid die ze hebben ontwikkeld over hun gehele leven. Zelfs zouden ze willen veranderen, ze zouden het niet kunnen.

b. Opportunistische pesters
Opportunistische pesters zijn diegene die je het meest van allemaal zal tegenkomen op het werk. Ze beseffen of denken dat in een competitive omgeving het loont om anderen aan te vallen. De opportunistische pester verschilt van de chronische pester in dat die eens buiten de werksfeer zeer gemoedelijk en ondersteunend kunnen zijn want het competitieve element is verdwenen. Deze pester zal dikwijls een doelwit uitkiezen waarvan ze denken dat die een bedreiging kan betekenen voor een bepaalde functie. Ze zien hun gedrag als een overlevingsstrategie. Ze geloven dat het deel uitmaakt van een spel.

c. Pesters met verslavingsprobleem
Deze pesters zijn de gevaarlijkste. Door het misbruik van de verdovende middelen zijn alle emotionele grenzen zoek.

Met dank aan: pestenophetwerk.net

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*