Te Heet Om Te Werken?

- 19 augustus 2012

te heet om te werkenTe Heet Om Te Werken?
Hittegolf: wanneer heb je recht op ‘tropenvrij’?
Werkgevers zijn er in principe toe verplicht om het jou als werknemer zo comfortabel mogelijk te maken. Als werknemer heb je dus rechten.

Mag ik werk weigeren bij extreme hitte?
Ja, op grond van artikel 29 van de Arbowet mag je weigeren om te werken, indien je van mening bent dat je gezondheid schade gaat oplopen indien je je werk gaat verrichten.

Het moet hierbij wel gaan om een ernstig en onmiddellijk gevaar. Je werkgever moet hiervan zo snel mogelijk op de hoogte worden gebracht. Het is in dat geval aan jouw werkgever om te bewijzen dat er geen ernstig en direct gevaar dreigt. In het wetsartikel staat niet genoemd vanaf welke temperatuur er een gevaar voor de gezondheid dreigt.

Wat gebeurt er als de lichaamstemperatuur stijgt?
De eerste reactie van het lichaam is het verwijden van de bloedvaten in de huid. Het lichaam probeert de warmteafgifte te laten toenemen door een snellere bloedcirculatie. Het hart gaat sneller kloppen en moet dus harder werken, de huid wordt roder en we gaan zweten.

Door zweten wordt warmte onttrokken aan de huid: we koelen af. Bij te weinig luchtsnelheid en hoge temperatuur kunnen we onze warmte niet goed kwijt aan de buitenlucht. Gevolg is dat de lichaamstemperatuur stijgt. Dit kan grote gezondheidsrisico’s inhouden.

Klachten hittestress
De combinatie van hitte en vocht stelt hoge eisen aan hart en bloedvaten. Het gevolg van te grote hitte kan hittestress zijn:

  • huidaandoeningen, zoals jeuk en blaasjesuitslag;
  • hittekramp (kramp in de spieren);
  • hoofdpijn en concentratieverlies;
  • hitte-uitputting door uitdroging;
  • hittesyncope ontstaat wanneer er onvoldoende doorbloeding is naar de hersenen, flauwvallen is het gevolg;
  • een hitteberoerte is het meest ernstige effect. Dit gebeurt als de inwendige temperatuur van het lichaam boven de 41 graden komt;

door teruglopend concentratievermogen neemt de kans op ongelukken toe. Voor bepaalde beroepen houdt dit grote risico’s in.

Is er in jouw kantoor geen airco en vallen de mussen van het dak, dan zou je eventueel met je baas kunnen overleggen over de volgende oplossingen:

Overleg met de baas:

  • Over aangepaste werktijden; vroeg beginnen.
  • om zo kort mogelijk aaneengesloten werken.
  • Te pauzeren in koele ruimtes.
  • Of korter werken een optie is.
  • Over aangepaste kleding.
  • Over extra ventilatie, zorgen voor luchtverplaatsing.
  • Over gekoelde dranken: water!
  • Of het gebouw ‘s nachts geventileerd mag worden met koele nachtlucht.
  • Over optimaal gebruik van zonwering; in het hele gebouw neerlaten voor de zon op is.
  • Over luchtkoelingstechnieken: het installeren hiervan zorgt voor een meer structurele aanpak.

Ben je veel in de buitenlucht aan het werk? Hou dan de temperaturen goed in de gaten. Voor zeer intensief werk is de maximum temperatuur 25 graden met een voelbare luchtstroom, 23 graden zonder luchtbeweging. Het is maar dat je het weet….

De Arbo-Wet
Bij tropische weersomstandigheden komen er regelmatig vragen over de temperatuur waarbij nog gewerkt mag of moet worden. En wat de Arbo-wet daarover zegt.

De Arbo-wet gaat er vanuit dat de werkgever er voor het grootste deel van de tijd voor zorgt dat het klimaat in de werkomgeving comfortabel is. De definities van wat als comfortabel moet worden beschouwd, zijn uitgewerkt in de beleidsregels; de comfortbeleving is afhankelijk van de temperatuur, de stralingstemperatuur, de luchtvochtigheid, de luchtsnelheid, het metabolisme of de arbeid die wordt verricht en de kledingisolatie. De laatste twee factoren hangen nogal af van het werk dat moet worden uitgevoerd en hoe men daarbij gekleed moet gaan. In de beleidsregels zijn de grenzen aangegeven van het comfortgebied. Bijvoorbeeld bij rustige kantoorarbeid met luchtige zomerkledij ligt het comfortgebied tussen de 22 en 26 °C, bij schoonmaakwerk in zomerkleding tussen de ca. 16 en 21 °C en bij lopen in een uniform zonder jasje tussen de ca. 18 tot 23 °C. Dit als er geen sprake is van direct zonlicht, de luchtvochtigheid een gemiddelde waarde heeft (ca. 50 %) en er geen sprake is van een duidelijke lucht stroom. Bij direct zonlicht (stralingswarmte) zal men het sneller als te warm ervaren. Dit geld ook voor een hogere luchtvochtigheid, maar bij een hogere luchtsnelheid is dat juist weer net andersom.

De Arbo-wet verplicht werkgevers niet om 100 % van de tijd te zorgen voor een comfortabel klimaat; 90 % van de tijd is in principe voldoende. Dit staat dan nog los van een zekere overmacht in het geval zich bijvoorbeeld een extreem warme zomer voordoet.

Ondanks deze ruimte die de wet aan de werkgevers laat is het toch verstandig om een aantal maatregelen te nemen. Als medewerkers echt last hebben van de warmte zal het zo zijn dat de productie van die medewerkers zal afnemen en mogelijk zal ook de kwaliteit van de arbeid afnemen omdat er meer fouten worden gemaakt. Het is dus ook in het belang van de werkgever dat deze toch probeert de situatie te optimaliseren. Hiervoor zijn de volgende vuistregels te geven:

Binnenwerk
Globale grenzen naar de aard van het werk:

  • Voor (zittend) kantoorwerk geldt een maximum temperatuur van 30 graden.
  • Voor licht werk geldt een maximum temperatuur van 28 graden.
  • Voor intensief werk geldt een maximum temperatuur van 26 graden, mits er een voelbare luchtstroom is; anders maximaal 25 graden.
  • Voor zeer intensief werk is de maximum temperatuur 25 graden met een voelbare luchtstroom, 23 graden zonder luchtbeweging.

Als de temperatuur boven het maximum uitkomt moet er zoveel als redelijk is gedaan worden om de belasting zo laag mogelijk te houden:

  • Aangepaste werktijden; vroeg beginnen.
  • Zo kort mogelijk aaneengesloten werken.
  • Pauzeren in koele ruimtes.
  • Korter werken.
  • Aangepaste kleding.
  • Extra ventilatie, zorgen voor luchtverplaatsing.
  • Veel (sportdrank) drinken.
  • ’s Nachts het gebouw ventileren met koele nachtlucht.
  • Optimaal gebruik van zonwering; in het hele gebouw neerlaten voor de zon op is.
  • Luchtkoelingstechniek installeren voor een meer structurele aanpak.

Werken in de open lucht
Bij werkzaamheden in de open lucht zijn de wettelijke normen voor binnenklimaat niet van kracht. Toch is de beleving van het klimaat dezelfde als binnen en gelden er feitelijk dezelfde grenzen, waarbij er in de regel van de hogere temperaturen moet worden uitgegaan omdat er meestal sprake is van een voelbare luchtstroom.

  • Voor licht werk geldt een maximum temperatuur van 28 graden.
  • Voor intensief werk geldt een maximum temperatuur van 26 graden, mits er een voelbare luchtstroom is – anders maximaal 25 graden.
  • Voor zeer intensief werk is de maximum temperatuur 25 graden met een voelbare luchtstroom, 23 graden zonder luchtbeweging.

Als de temperatuur boven het maximum uitkomt er zoveel als redelijk is gedaan worden om de belasting zo laag mogelijk te houden:

  • Werken in de schaduw.
  • Korter werken.
  • Aangepaste werktijden; vroeg beginnen, mogelijk een siësta.
  • Intensief werk, zo kort mogelijk aaneengesloten uitvoeren.
  • Bij zwaar werk optimaal gebruik maken van hulpmiddelen.1
  • Pauzeren in koele ruimtes.
  • Aangepaste kleding.2
  • Zorgen voor luchtverplaatsing.
  • Veel (water) drinken.

Naast het gevaar van hitte-stress (heat-stress) speelt ook mogelijk langdurige blootstelling aan direct zonlicht (UV-straling) mee. En daarmee het gevaar van huidkanker. Bovendien kan een teveel aan UV-straling ook een negatief effect op het afweersysteem hebben. Een aantal vuistregels om de risico’s te verminderen:

  • Probeer de zon tussen 12 en 3 uur te vermijden door een andere werkplanning.
  • Zorg voor afscherming tegen de zon.
  • Draag beschermende kleding (er bestaat speciale kleding die beschermt tegen UV-straling).
  • Draag een pet of helm met nekflap.
  • Smeer je om de twee uur in met anti-zonnebrandmiddel van minimaal factor 10 (en doe dit vaker als je veel zweet).
  • Ga naar de dokter als een moedervlek verandert of een zweertje niet overgaat.

Bijzondere groepen
Bijzondere aandacht moet uitgaan naar mensen die niet gezond zijn, bepaalde medicijnen gebruiken en vrouwen die zwanger zijn.

  • Gezondheidsklachten die een extra risico met zich meebrengen zijn met name problemen met hart en longen, maar ook een hoge bloeddruk, overgewicht en een sterk ondergewicht.
  • Medicijnen die van invloed zijn, zijn bijvoorbeeld bètablokkers, anti-cholinergische geneesmiddelen, digitalis, barbituraten en stimulerende middelen.
  • Zwangere vrouwen mogen niet worden blootgesteld aan een oncomfortabel klimaat. Volgens de regels is dat de temperatuur die hoort bij een PMV-waarde (zie verderop in dit artikel) van 0,85. In de meeste arbeidssituaties zal het dan gaan om ca. 26 à 27 °C en bij heel rustig, zittend werk tot ca. 28 °C.

Resumé
Hoge temperaturen zijn belastend voor de (werkende) mens. In de wet en regelgeving is goed vastgelegd welke klimaatomstandigheden bij verschillende soorten van werk en bij verschillende kleding, als comfortabel worden ervaren. Werkgevers moeten er naar streven om bij werkzaamheden binnen ten minste 90 % van de tijd zo’n comfortabel klimaat te realiseren.

Om in periode dat het toch oncomfortabel warm is te kunnen werken zijn er verschillende maatregelen te nemen: in plaats (schaduw), in tijd (niet op het heetst van de dag), in het werk (minder intensief, meer rustpauzes) en in voorzieningen (drinken beschikbaar, schaduw creëren). Van werkgevers mag worden gevraagd deze maatregelen naar redelijkheid te nemen.

Extra belastend kan de warmte zijn voor ongezonde mensen, mensen die medicijnen gebruiken en zwangere vrouwen.

Wet en regelgeving
In het arbobesluit en de bijbehorende beleidsregels zijn, vrij vertaald, de volgende ‘eisen’ opgenomen.
Arbobesluit Artikel 6.1 Binnen- en buitenklimaat

  1. Het klimaat op de arbeidsplaats veroorzaakt geen schade aan de gezondheid van de werknemers.
  2. Het klimaat op de arbeidsplaats is zo behaaglijk en gelijkmatig als redelijkerwijs mogelijk. Daarbij wordt rekening gehouden met de aard van de werkzaamheden die door de werknemers worden verricht en de fysieke belasting die het gevolg is van die werkzaamheden.
  3. Hinderlijke tocht op de arbeidsplaats wordt vermeden tenzij dat redelijkerwijs niet kan worden gevergd.
  4. Indien door het klimaat op de arbeidsplaats toch schade aan de gezondheid van de werknemers kan ontstaan, worden persoonlijke beschermingsmiddelen ter beschikking gesteld. Indien de ter beschikking gestelde persoonlijke beschermingsmiddelen schade aan de gezondheid niet kunnen voorkomen, wordt de duur van de arbeid in een zodanige mate beperkt of wordt de arbeid met een zodanige frequentie afgewisseld door een tijdelijk verblijf op een plaats waar een klimaat heerst als bedoeld in het eerste lid, dat geen schade aan de gezondheid ontstaat.

Arbobeleidsregel bij Arbobesluit Artikel 6.1
In de daar genoemde methode wordt met behulp van formules voorspeld hoeveel mensen een bepaald binnenklimaat wel of niet behaaglijk vinden.

  • De ingewikkelde berekeningen met die formules leveren een zogenaamde PMV-waarde op (‘Predicted Mean Vote’) die volgens de arbobeleidsregel tussen -0,5 en +0,5 moet liggen.
  • De beleidsregel heeft gelukkig ook een eenvoudig alternatief: het binnenklimaat is gelijkmatig en behaaglijk als minder dan 10% van de mensen klachten kenbaar maakt.

Adder onder het gras in de tekst van de arbobeleidsregel: “een overschrijding van die grenzen gedurende 10% van de verblijfstijd is acceptabel.”

Bron: carriere.blog.nl, ziekenverzorgende.nl & fnv.nl



Interessante Boeken:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*